Nederlandse ziekenhuizen laten ongeneeslijk zieke kankerpatiënten te vaak aan hun lot over, stelt de Nederlandse Federatie van Kankerpatiëntenorganisaties (NFK).

Volgens de organisatie wordt ruim een kwart van de mensen niet verder geholpen, nadat een zorgverlener heeft verteld dat ze niet meer beter worden.

Toch zou een ruime meerderheid (57 procent) daar wel behoefte aan hebben, aldus NFK. Wanneer zij deze steun wel ontvangen, beoordelen zij deze hulp met een gemiddeld rapportcijfer van 6,4.

NFK baseert die conclusie op een rondvraag onder 654 kankerpatiënten die weten dat ze niet meer beter zullen worden. Volgens de organisatie hebben patiënten vooral behoefte aan contact met een vast aanspreekpunt in het ziekenhuis, aandacht voor naasten en advies over psychische en lichamelijke klachten.

De onderzoekdeelnemers is ook gevraagd hoe zij aankijken tegen praten over het levenseinde. Ruim zes op de tien patiënten laten weten dat zij op enig moment behoefte hebben om hierover te praten. In 22 procent van de gevallen neemt de zorgverlener het initiatief om hierover te praten.

Met de uitkomsten van het onderzoek vraagt NFK ziekenhuizen en zorgverleners om ongeneeslijk zieke kankerpatiënten voldoende hulp en ondersteuning te bieden, als zij daar behoefte aan hebben. “Zodat ze niet in een zwart gat vallen”, meent de organisatie.